Welkom
Wij heten u hartelijk welkom op de website van de Hersteld Hervormde Gemeente Nieuwleusen. Wij nodigen u van harte uit om onze kerkdiensten bij te wonen. De aanvangstijden staan in het kort hier rechts van de pagina of klik op lees meer.

Met deze website willen wij u van actuele informatie voorzien over onze gemeente. De Hersteld Hervormde Gemeente "Rehoboth" van Nieuwleusen is een gemeente die deel uitmaakt van de Hersteld Hervormde Kerk.
Meditatie
ALS EEN LAM TER SLACHTING GELEID (LIJDENSTIJD)
Als een lam werd Hij ter slachting geleid (Jesaja 53:7m)
Hét Lam is Israël niet
Als een lam werd Hij ter slachting geleid. Ik las bij een verklaarder dat deze Schriftplaats het hárt van het christelijk geloof is, omdat er gesproken wordt over de verzoening van de zonden door de voldoening van Christus. Het gaat zonder enige twijfel over de Heere Jezus Christus in de tekst. Hij is het Die als een lam naar de slachtbank werd geleid. Hij is het Die als een schaap van Zijn wol werd beroofd. Hij is het Die als de Borg heeft gezwégen onder al het lijden dat Hem werd aangedaan. De Hij in mijn tekst is zonder enige zweem van twijfel de Christus.
De (meeste) Joodse rabbijnen geven ons helaas een ándere uitleg. Zij willen niet van Christus weten. Hún exegese van Jesaja 53 is, dat het in dit hoofdstuk van de Man van smarten niet over een Persoon gaat, laat staan over de Christus. Het zou gaan over het Joodse volk dat alle eeuwen door heeft moeten lijden. Ik ontken niet dat het volk Israël gedurende het verloop van al de tijd van haar bestaan steeds heeft geléden. Wel durf ik hardop te betwijfelen of het geléden heeft op de wijze zoals hier wordt beschreven, als een lam dat zich gewillig naar de slachtbank heeft laten leiden en als een schaap dat zijn stem niet verhief als het werd geschoren.
Van Israël kan niet gezegd worden dat het zich gewillig laat slachten en dat het zijn mond niet opent tegenover haar vijanden. Het hoeft ook niet. Dit alleen al is bewijs dat het in Jesaja 53 niet over het Joodse volk gaat. Daarbij komt dat er meerdere elementen in dit Bijbelhoofdstuk zijn aan te wijzen die aangeven dat de Man van smarten lijdt in de plaats van ándere mensen. Ook dat kan van Israël onmogelijk worden beweerd. Dat volk lijdt om haar eigen zonden en afmakingen tegenover de Heere. Israëls lijden is schuld, maar geen plaatsvervanging, geen substitutie. Als ik schrijf dat Israël lijdt om haar eigen zonden, dan is dat vanuit de notie die wij uit gedicht van Revius volmondig en van harte beamen: 't En sijn de Joden niet, Heer' Jesu, die U cruysten…, maar íck, íck ben 't, o Heere. Wij staan niet bóven, maar naast of ónder Israël.
Een derde argument is nog veel sterker dan de twee genoemde. Wij belijden de eenheid van de Heilige Schrift. Er is geen tegenstelling tussen het Oude en het Nieuwe Testament. Wel is er voortgang in de Godsopenbaring. Daarover weid ik hier niet uit. Belangrijk is dat mijn tekst terugkomt in het Nieuwe Testament. Daar wordt het woord van de tekst geciteerd.
Het Lam is Christus
Als een lam werd Hij ter slachting geleid en als een schaap dat stom is voor het aangezicht zijner scheerders, alzo deed Hij Zijn mond niet open. De tekst wordt niet alleen nogmaals vermeld, maar zij wordt ook verklaard, uitgelegd en toegepast. Ik neem u mee naar de bekende geschiedenis van Filippus en de kamerling. Gods knecht wordt door zijn Heere uit het grote Samaria, waar hij werkzaam is in de evangelieverkondiging, weggeroepen om Gods Woord te gaan uitleggen aan één man, een buitenlander uit Ethiopië die met zijn hoofd is vastgelopen tegen de muur van godsdienst in Jeruzalem. De Heilige Geest brengt hem op de weg die van Jeruzalem afdaalt naar Gaza, welke woest is.
Daar passeert de zwarte man op zijn wagen, al lezende in de boekrol van Jesaja. Het is geen toeval dat de blanke zich onder die omstandigheden naast hem zet, zodat hij hoort waaruit de reiziger hardop leest. De bekeerde Jood vraagt de heilzoekende heiden: Verstaat gij ook hetgeen gij leest? Wij kennen het verloop van de geschiedenis: De plaats der Schriftuur die hij las, was deze: Hij is gelijk een schaap ter slachting geleid en gelijk een lam stemmeloos is voor dien die het scheert, alzo doet Hij Zijn mond niet open… En de kamerling antwoordde Filippus en zeide: Ik bid u, van wien zegt de profeet dit, van zichzelven of van iemand anders? En Filippus deed zijn mond open en beginnende van diezelve Schrift, verkondigde hem Jezus.
De man uit donker Afrika leest dus Jesaja 53. Dat is geen toeval, maar Gods besturing. Hij leest ons tekstvers. Dat maakt het nog pregnanter. Van precies die Schriftplaats vraagt hij of Jesaja van zichzelf spreekt of van iemand anders. De evangelist mag nu uitleggen dat de evangelische profeet noch van zichzelf spreekt noch van het Joodse volk. Hij spreekt er regelrecht van Christus! Duidelijker kan ik het u niet zeggen. Hier geeft Gods Geest Zélf de verklaring over Wie het gaat in mijn tekst. Het gaat over Jezus Die Filippus aan de Ethiopiër mag verkondigen.
Ik weet niet of het u ooit is opgevallen, als u Handelingen 8 hebt gelezen. Dáár staat, als de profetie uit Jesaja wordt aangehaald: Hij is gelijk een schaap ter slachting geleid en gelijk een lam stemmeloos is voor dien die het scheert, alzo doet Hij Zijn mond niet open. In Jesaja 53:7 staat het zó: Als een lam werd Hij ter slachting geleid en als een schaap dat stom is voor het aangezicht zijner scheerders, alzo deed Hij Zijn mond niet open. U ziet in de vergelijking van de oud- en de nieuwtestamentische teksten dat het lam en het schaap van plaats zijn verwisseld.
Een lam is een schaap
We leren hieruit dat beide zinsdelen in de tekst dezelfde bedoeling hebben, hetzelfde zeggen. Daarom is het helemaal niet erg dat het er net iets ánders staat. Daarbij komt: Een schaap is als lam geboren en een lam is ook een schaap, zij het een klein schaap. U kent toch dat eenvoudige kindergebed: Laat mij van uw grote kudde toch een heel klein schaapje zijn, een lammetje. Een lammetje dat door zijn knietjes gaat om met het kopje omhoog drinken te zoeken bij het moederschaap. Een kinderlijke christen, die hongert en dorst naar de gerechtigheid van Christus.
Ook wijs ik u op kanttekening 32 bij de Statenvertaling. Als een lam werd Hij ter slachting geleid en als een schaap dat stom is voor het aangezicht zijner scheerders, alzo deed Hij Zijn mond niet open. Van het schaap wordt verklaard: Eigenlijk een ooilam of zij-lam. Een lam bijt of stoot dengene niet die het kelen zal, maar het volgt zachtkens zijn slachter die het ter slachtbank leidt. Met andere woorden: Het schaap in mijn tekst is eigenlijk een ooilam. Dat is een lam dat zeer dierbaar is voor zijn bezitter. Zo zien onze vaderen hier de dierbaarheid van Christus.
Het Lam moet sterven
Het doet mij denken aan de Paasnacht in Egypte, de nacht waarin het bloed van het lam aan de deurposten moet worden gestreken. Vier dagen eerder moest een lam worden afgezonderd, een volkomen lam, een mannelijk dier van een jaar oud. Al die eigenschappen wijzen aan dat Christus, het mannelijke Lam Gods, zonder enig gebrek en geheel volmaakt, afgezonderd is om te worden geslacht. Zijn bloed moet aan de deurpost van mijn hart zijn aangebracht. Alleen dát bloed reinigt van de zonde en alleen achter dat bloed is veiligheid en beschutting tegen het oordeel.
Dit alles maakt de vergelijking in mijn tekst nog duidelijker. Als een lam werd Hij ter slachting geleid en als een schaap dat stom is voor het aangezicht zijner scheerders, alzo deed Hij Zijn mond niet open. Christus, het Lam Gods, moet de dood in. Hij moet sterven. Er kan niet anders betaald worden voor de zonde dan door Zijn dood. Hij sterft geen natuurlijke dood, maar een gewelddadige dood. Nu gaat het in de tekst vooral om de wijze waarop Christus Zijn lijden tegemoet gegaan is, om de manier waarop Hij Zich aan het slachtmes heeft overgegeven. Dat heeft Hij geheel gewillig gedaan. Hij heeft Zich zonder tegenspreken gegeven, zachtmoedig als een schaap.
Als de Joodse priesters het tere lam naar de tempel voerden om het te slachten, verzette het lam zich niet en deed het geen klaagtonen horen, zo schrijft de bekende MacCheyne het heel mooi in zijn tekstverklaring.
Het Lam is gewillig
Zo heeft Christus niet geprotesteerd tegen de weg die God de Vader met Hem gaat. Hij is stil onder het lijden. Een treffend beeld wordt hier gebruikt. Als de Heere alle ongerechtigheden van Zijn volk op Zijn Zoon heeft doen aankomen, als Hij Hem in het gericht Gods gesteld heeft beladen met de volle schuld van al de Zijnen, heeft de Heere Jezus Christus het allerzwaarste lijden vrijwillig over Zich laten komen. Kunt u het begrijpen? Ik niet. Hij is er niet voor weggelopen, met eerbied uitgedrukt. Hij is als een schaap vrijwillig meegegaan. Dat wil de tekst uitdrukken. Hier is volkomen bereidwilligheid van Christus om te sterven in de plaats van de Zijnen. Gewillig geeft Hij Zich over aan de dood. Het is niet te vatten waarom Hij dat heeft willen doen. Nee toch? Wat heeft Hem toch bewogen voor vijanden naar deze wereld te komen? Hij was het niemand verplicht, maar Hij heeft het uit vrije liefde gedaan.
Het Lam is geslacht
Daarom wordt het beeld van het schaap gebruikt. Een koe laat zich niet zo gemakkelijk leiden. Zij zet zich schrap met haar poten en wil niet naar de slachtbank. Een stier deelt rake klappen uit en drukt regelmatig mensen dood of hij verwondt hen pijnlijk. Het schaap is in dit opzicht volgzaam en zachtmoedig. Het hoeft niet eens vastgebonden te worden. Het volgt als vanzelf op de weg naar de slachter. Nee, zo volgzaam is het schaap niet in élk opzicht. Het is vaak ánders. Het dient ook menigmaal om het dwaalzieke hart uit te beelden. Zeker. Dat doet niets af aan het feit dat Jesaja hier spreekt over het lam dat naar de slachtbank wordt geleid om daar te sterven. Hier wijst hij de gewillige Christus aan.
Eerst wordt dus gesproken over Christus als het geslachte lam. Dat beeld blijft overigens tot vér ná de jongste dag. Het Lam Dat geslacht is, is dierbaar voor Gods kind. Hier op aarde vindt hij het léven in de wonden van het geslachte Lam. Na dit leven is het Lam Dat geslacht is, eeuwig in het middelpunt van de hemel, want Het is daar waardig te ontvangen alle lof, dank, eer en aanbidding!
Lezer, het Lam heeft Zich naar de slachtbank laten leiden. Dat heeft Het Zelf tot mijn verwondering gewild. Het heeft Zich gewillig laten slachten om Zijn volk dat waard is eeuwig om te komen, door Zijn bloed te zaligen. Alle schapen die gezaligd zijn door het geslachte Lam, zullen tot in alle eeuwigheid zingen tot roem van het Lam. Zult u, zul jij straks meezingen? Is dit Lam u dierbaarder dan alles geworden? Hebt u het Lam, hebt u Christus lief?
Ds. A. Vlietstra